Werkende handen en Willy Wortels


Frans Hermans,
Hoofdredacteur

‘Kom op jongens en meisjes, ga voor techniek. Het is niet vies en zwaar, maar vaak nieuw en heel interessant. En er zijn banen genoeg. Dus laat gaan’. Een hartenkreet van een bevlogen docent tijdens de Week van de Procestechniek die vmbo-leerlingen in de keuken laat kijken van bedrijven in de procesindustrie.

Het mes snijdt daarbij aan twee kanten. Duizenden leerlingen maken kennis met een interessant vakgebied en nemen die mogelijkheid mee in de keus van hun vervolgopleiding of beroep. Tegelijk presenteren talloze bedrijven zich als toekomstige werkgever die goede kansen biedt op een baan. De Week van de Procestechniek werd in Limburg georganiseerd bij de proeffabriek van de Hogeschool Zuyd in Heerlen en bij Het Kwadrant in Weert. In totaal bezochten een kleine tweeduizend leerlingen van vierenveertig Limburgse vmbo- en havo-scholen de Week van de Procestechniek.

Het blijft kwakkelen met de beeldvorming van het techniekonderwijs. Het imago van ‘vies werk’ krijgt de technologische sector -de maakindustrie- maar niet van zich afgeschud. En dat terwijl de technologische industrie de banenmotor van ons land is. Ruim 410.000 mensen verdienen hun brood in deze sector, met een omzet van negentig miljard euro. De voorvrouw van deze tak van industrie is Ineke Dezentjé Hammink Bluemink, directeur van de werkgeversorganisatie voor de technologische industrie, FME-CWM. Zij wil het imago snel verbeteren. Te beginnen bij de basisschool. In een aantal interviews in landelijke dagbladen liet ze onder meer optekenen: ‘in het vmbo wil de helft van de meisjes kapster worden, maar daar zijn geen banen voor. In de techniek valt geld te verdienen, in tegenstelling tot de student die het conservatorium heeft afgerond. Deze branche biedt perspectief op werk. Ga op excursie naar een technisch bedrijf, dan maar een keer minder schoolzwemmen.’
Die nieuwe werknemers zijn broodnodig. Want ondanks de recessie groeit de sector nog steeds en is de winstgevendheid goed. Maar het (aanstaande) vertrek van de babyboomers wordt niet gecompenseerd door gekwalificeerde opvolgers. Uit cijfers blijkt dat op vmbo-niveau het tekort oploopt tot bijna 35.000 banen, op mbo- en hbo niveau gaat het om respectievelijk 23.000 en 13.000 banen. Dat is fnuikend voor deze sector die het vooral moet hebben van export, waar toch de groei van onze economie uit voort moet komen. Als jongeren met een technische opleiding ‘verzekerd’ zijn van een baan in deze regio moet het toch mogelijk zijn door een gezamenlijke inspanning van overheid, bedrijfsleven en onderwijs die neerwaartse spiraal een halt toe te roepen.
Waar het techniekonderwijs zorgen baart, mag de chemiesector -goed voor vijftien procent van ons industriële bnp- zich in een opvallende belangstelling verheugen. De afgelopen vijf jaar steeg het aantal chemiestudenten met zes procent. Scheikunde is weer in. Chemie staat aan de basis van het leven. De biobased economie spreekt veel jongeren aan. Dat ervaart ook DSM. De onderneming vervult in onze regio een voortrekkersrol binnen de chemische sector als het gaat om duurzaamheidsaspecten. Een hightech fijnchemiebedrijf dat vezels, vitaminen en voedingssupplementen produceert. Om de innovatiekracht van de chemie te vergroten zijn de komende jaren om en nabij dertienhonderd extra afstudeerders nodig op mbo- en wo niveau. Kansen genoeg dus voor werkende handen en Willy Wortels.

januari 2012, Zuid-Limburg




« terug naar vorige pagina